Bemestingsadviezen voor aardappelen bij Xavier Desmet
Bijbemesting in aardappelen Praktijkveld- Beredeneerd bemesten
- Bemesting in aardappelen
Xavier is al vertrouwd met gefractioneerd bemesten en hij gebruikt de tool ‘Basisbemesting aardappelen’ van B3W om te berekenen hoeveel eenheden stikstof hij zal geven als basisbemesting. Wanneer de planten 15-20cm groot zijn, laat hij een bijbemestingsanalyse uitvoeren op basis van grondstalen om te weten te komen of hij al dan niet moet bij bemesten.
Meer lezen op deze pagina
Xavier Desmet teelt late aardappelen in Wortegem-Petegem (Oost-Vlaanderen) en is lid van de focusgroep ‘aardappelen’. Dit jaar werd Xavier aangesproken door een vertegenwoordiger van de firma Eurofins. Ze geven een advies op basis van een grond- en gewas analyse waarbij ze rekening houden met vrijstelling van stikstof door mineralisatie. Deze bewering bracht Xavier aan het denken en daarom wou hij nagaan of er nog andere adviessystemen zijn die eventueel ook voor zijn gefractioneerde bemesting zouden werken. Daarom kwam hij met het voorstel om verschillende adviessystemen te vergelijken op zijn perceel.
Vandaag bestaan er vier adviessystemen:
- Op basis van analyse van grondstalen (de referentie-methode in Vlaanderen)
Bij een bijbemestingsadvies obv. grondstalen worden grondstalen genomen van de laag 0-30cm en 30-60cm wanneer het loof een diameter van 10-15cm geeft en de knolaanleg start. Het minerale N-gehalte (NO3-N en NH4-N) wordt bepaald in beide grondstalen. Indien de pH-KCl en OC% van het perceel niet gekend zijn, kunnen deze parameters ook op het bodemmonster van de laag 0-30cm bepaald worden. In het analyserapport kan je een bijbemestingsadvies terugvinden dat je zegt hoeveel je nog moet bijbemesten om het seizoen door te komen.
Dit type bijbemestingsadvies kan je aanvragen bij nagenoeg alle erkende laboratoria in Vlaanderen. Indien gewenst, voeren deze labo’s de staalname voor u uit.
- Op basis van bladsteeltjes-analyse
Bij de bladsteeltjes-methode worden op 5 verschillende tijdstippen (21, 28, 35, 42 en 63 dagen na 80% opkomst) 40 bladsteeltjes van de meest recente volgroeide bladetage verzameld. De bladsteeltjes worden geanalyseerd in het labo en het nitraatgehalte in die steeltjes wordt bepaald. Indien gewenst is het ook mogelijk om andere hoofd- en sporen-elementen te bepalen. Op basis van de nitraatgehalte in de bladsteeltjes wordt een bijbemestingsadvies tot einde teelt geformuleerd. De opeenvolgende staalnames dienen ter controle of de stikstof in de bijbemesting weldegelijk wordt opgenomen door de plant en of de geadviseerde bijbemesting voldoende was.
Dit type bijbemestingsadvies kan je aanvragen bij het Nederlandse bedrijf Normec Groen Agro Control. De staalname en het opsturen van de stalen moet door de aanvrager zelf gebeuren.
- Op basis van bladsap-analyse
Bij de bladsap-methode worden op 5 verschillende tijdstippen (21, 28, 35, 42 en 63 dagen na 80% opkomst) van 40 planten telkens een topblad van een jong volgroeid samengesteld blad en een topblad van een oud volgroeid samengesteld blad verzameld. Bij de bladsap-analyse wordt er geen advies geformuleerd maar worden de gehaltes aan nutriënten, waaronder nitraat, in het bladsap uitgedrukt ten opzichte van streefwaarden.
Dit type bijbemestingsadvies kan je aanvragen bij het Nederlandse bedrijf NovaCropControl. De staalname en het opsturen van de stalen moet door de aanvrager zelf gebeuren.
- Op basis van grondstalen en gewas-analyse
Bij deze methode wordt er één bodemmonster en één gewasmonster genomen op 4 verschillende tijdstippen (21, 31, 45 en 70 dagen na opkomst). Het bodem monster bestaat uit 40-tal deelmonsters die in de laag 0-30cm worden genomen. Het gewasmonster bestaat uit 25 samengestelde bladeren van de jongste volgroeide bladetage. Van het bodemmonster worden naar de hoofdelementen ook de sporen-elementen, de pH en het geleidingsvermogen bepaald. Van het gewasmonster worden eveneens hoofd- en sporen-elementen bepaald. Op basis van het stikstofgehalte in de bodem en het gewas wordt een advies voor de komende 4 weken en tot einde teelt geformuleerd.
Dit type bijbemestingsadvies kan je aanvragen bij Eurofins Agro. Indien gewenst voert dit labo de staalname voor u uit.
Aangezien er voor de bladsap-analyse enkel een stikstofconcentratie wordt bepaald en geen bijbemestingsadvies wordt geformuleerd, werd er besloten om dit systeem niet mee te nemen in de proef. In plaats van de bladsap-analyse zullen er twee analyses op basis van grondstalen worden uitgevoerd door twee verschillende firma’s (Viaverda en BDB) om niet enkel de adviessystemen maar ook bedrijven onderling met elkaar te kunnen vergelijken.
Verlaagde basisbemesting
Op basis van de tool ‘Basisbemesting aardappelen’ van B3W rekende Xavier zelf uit hoeveel hij moest bemesten. Vorig jaar werd er wintertarwe op het perceel gekweekt en werd erna gele mosterd ingezaaid als groenbemester. Van deze teelten kunnen we een N-levering van 15E N verwachten. De bodemorganische stof in een zandleem-bodem wordt verwacht tussen januari en planten 15E N op te leveren maar door de vele regen in het voorjaar heeft Xavier deze verlaagd naar 5E. Na planten wordt er verwacht dat de mineralisatie uit organische stof nog 40E N zullen opleveren. Op 12 april 2024 heeft Xavier dierlijke mest op het perceel uitgestrooid waarvan hij 65E N-levering verwacht (17 ton drijfmest van vleesvarkens met een stikstofinhoud van 6.4 kg N per ton en een werkingscoëfficiënt van 60%).
Voor late aardappelen is een N-behoefte van 290 kg N/ha nodig. Op basis van de voorteelt en bemesting die Xavier al uitgevoerd heeft, kunnen we al een N-levering van 125kg N/ha verwachten. Als we dit samennemen zou dit betekenen dat Xavier nog 165kg N/ha zou moeten bemesten maar Xavier is gewoon om zijn bemesting gefractioneerd toe te passen dus hij kiest er voor om 70% van de totale benodigde N-bemesting te geven als basisbemesting. Voor Xavier kwam dit dus uit op een basisbemesting van 116E N of 300 l/ha vloeibare N.
Adviessystemen voor bijbemesting
1. Op basis van analyse van grondstalen (de referentie methode in Vlaanderen)
Voor het adviessysteem op basis van grondstalen werden twee firma’s gecontacteerd namelijk Viaverda en Bodemkundige dienst (BDB).
Op 13 juni werden door Viaverda grondstalen genomen. Uit hun analyserapport blijkt dat er in totaal 263 kg N/ha aanwezig is in de bodem wat voldoende N-voorraad is tot het eind van de teelt en dus besluit Viaverda dat er geen extra bemesting nodig is.
Xavier contacteerde BDB via hun online formulier. Op 20 juni werden de grondstalen door BDB genomen. Hun analyserapport meldt dat er een zeer hoge N-concentratie aanwezig is in de bodem, namelijk 316kg N/ha. Door deze hoge concentratie nitraat adviseert BDB, net zoals Viaverda, om niet extra te gaan bemesten.
2. Op basis van bladsteeltjes-analyse
De bladsteeltjes werden voor een eerste analyse op 17 juni ingezameld en verstuurd naar Normec Group Agro Control.
Na enig aandringen kregen we op 2 juli het verslag van het bladsteeltjes onderzoek waarin enkel een nitraat (145 g/kg ds) en ammonium (13 g/kg ds) concentratie vermeld stond. Na hierop door te vragen werd ons gemeld dat Normec gestopt is met het geven van bijbemestingsadviezen op basis van bladsteeltjes.
De nitraatconcentratie kunnen wel nog vergeleken worden met resultaten van een voorgaand onderzoeksproject omtrent bijbemestingsadviezen waarbij Normec een bijbemestingsadvies en streeftraject voor de nitraatgehalte in de bladsteeltjes gaf. Er werd op vijf verschillende momenten bladsteeltjes ingezameld waarbij het nitraatgehalte werd bepaald. Bij alle vijf de staalnames lagen de nitraatgehaltes in de bladsteeltjes boven het streeftraject. Hieruit kunnen we besluiten dat bijbemesting niet nodig is.
3. Op basis van grondstalen en gewas-analyse
Op 4 juni contacteerde Xavier Eurofins via hun online bestelformulier waarop zij op 7 juni de eerste maal grond- en gewas-stalen kwamen inzamelen. In het analyserapport kunnen we de concentratie stikstof en andere hoofd- en sporen-elementen terugvinden die aanwezig zijn in het gewas en in de bodem.
Op basis van deze resultaten geeft Eurofins een bemestingsadvies voor de komende 4 weken en tot het eind van de teelt.
Normaal worden deze analyses 4 maal uitgevoerd. Als men het bijbemestingsadvies voor de komende 4 weken uitvoert kan men zo nagaan of de gegeven bijbemesting al voldoende is of er nog een bijbemesting moet uitgevoerd worden.
Tot op vandaag werd Xavier nog niet meer gecontacteerd voor een verdere staalname. Aangezien de andere bijbemestingsadviessystemen geen bijbemesting adviseerden besloten we het bijbemestingsadvies van Eurofins niet te volgen en geen bijbemesting meer uit te voeren.
Opbrengst en nitraatresidu
Op 30 september werd een proefrooiing uitgevoerd waarbij een oppervlakte van 9m2 werd gerooid. De knollen werden nadien gewogen en gesorteerd en het onderwatergewicht werd bepaald.
De bruto opbrengst bedroeg 61 ton/ha waarvan de meeste knollen een grootte tussen de 50-70 mm hadden. Het onderwatergewicht bedroeg 417 g/5kg.
Op hetzelfde moment als de proefrooiing werd er ook een nitraatresidu staal genomen. Het nitraatgehalte in de bodem bedroeg op 30 september nog 106 kg N/ha. Ondanks de correcte berekeningen op vlak van bemesting en het niet bijbemesten, zit Xavier dit jaar toch boven de nitraatresidu drempelwaarde 1 (90 kg N/ha voor gebiedstype 0 en 1).
Meer weten?
Het thematisch uitwisselingsmoment waar we dit overtuigingsveld zullen bespreken zal doorgaan op 6 december.
Bedankt om deze blog te volgen! Meer weten over dit onderwerp? Hou zeker onze evenementenpagina in de gaten voor meer uitwisselingsmomenten over bemesting in aardappelen!
Dit overtuigingsveld wordt opgevolgd door B3W-begeleiders van Viaverda Aardappel, Lauren Verleysen (email hidden; JavaScript is required) en Jeroen De Waele (email hidden; JavaScript is required).
Een blik op de praktijk
Deze machine staat hem ook toe om mengteelten te telen. Als mengteelt kiest hij voor veldbonen en tarwe. Gert is een enorme voorstander van directzaai maar vindt het wel belangrijk om in de juiste omstandigheden te werken: bodems die verdicht zijn hebben eerst enkele jaren structuurherstel nodig. Ook wanneer het te nat is, is het belangrijk dat je wacht tot de bodem droog genoeg is om te zaaien. In deze blog houden we bij hoe Gert inzet op niet-kerende bodembewerking en meer specifiek directzaai. Houd deze pagina zeker in het oog om een overzicht te krijgen wanneer welke stappen gebeuren.