De bemestingspraktijken in prei van Ivan Degezelle
Bemesting in prei Praktijkveld- Beredeneerd bemesten
- Bemesting in groenten
Ivan Degezelle is een preiteler uit Meulebeke, geïnteresseerd in diverse bemestingstechnieken. Vandaag bemest hij voornamelijk breedwerpig met de kunstmeststrooier. Over het algemeen worden snelwerkende meststoffen gebruikt. Hij wil graag kijken of met rijenbemesting of traagwerkende meststoffen hetzelfde resultaat kan geboekt worden met eventuele reductie van de stikstofgift.
Wat testen we uit?
Naast zijn boerderij teelt hij dit jaar prei op een perceel met als voorteelt aardappelen. Deze werden in het najaar van 2023 op tijd gerooid, waardoor een groenbedekker-gras kon worden ingezaaid. Begin april 2024 werd het gras ondergewerkt nadat er stalmest werd uitgevoerd. Het gras werd niet gemaaid of afgevoerd, maar rechtstreeks ingewerkt. Het gaat om een perceel met een zandleembodem met een koolstofpercentage van 0,78%. Uit de bouwvooranalyse kwam naar voor dat het zwavelgehalte ruim onder de streefzone zit.
Volgende bemestingsstrategieën liggen aan op het perceel:
- 40 ton stalmest, later eventuele bijbemesting met bladvoeding
- 50 E N met Sulfan, bijbemesting ook met Sulfan
- 50 E N Kalkammonsalpeter, bijbemesting met traagwerkende meststof
- 40 ton stalmest, bijbemesting volgens praktijk Ivan
Uit de bouwvooranalyse, genomen op 2 maart 2024, konden we een laag zwavelgehalte afleiden. Aangezien het belang van dit element niet te onderschatten is, hebben we beslist om in één van objecten te werken met een zwavelrijke meststof. Door deze te gebruiken bij zowel basis- als bijbemesting kunnen we de zwavelbehoefte van de prei volbrengen.
Juni: staal voor basisbemesting
Begin april werd 40 ton stalmest uitgevoerd, vervolgens werd het gras ingewerkt.
Op 25 juni is er een grondstaal genomen om de basisbemesting te bepalen. In deze tabel kan je de N-inhoud zien. Zoals te verwachten is het bodemproef niet volledig leeg, maar ook geen al te grote voorraad stikstof aanwezig.
Ivan voert normaal geen extra startbemesting uit met minerale meststoffen. Op basis van de resultaten werd beslist om in een aantal objecten toch een startbemesting te geven volgens onderstaand schema:
- Geen extra startbemesting
- 50 E N – Sulfan
- 50 E N – KAS
- Geen extra startbemesting
Juli: planten en basisbemesting
De natte weersomstandigheden van het voorjaar hebben ervoor gezorgd dat de plantdatum een eind achteruit geschoven werd. Op 3 juli 2024 kon uiteindelijk toch geplant worden. Er werd geplant op ruggen met ponsgaten (geponst op 30/06/2024) met het ras Flexiton. De rijafstand bedraagt 65 cm en de plantafstand bedraagt 9,3 cm.
De basisbemesting werd gegeven één dag na het planten van de prei, op 4 juli. In object 2 en 3 werden de korrels breedwerpig toegepast.
Augustus: stalen voor bijbemesting
7 à 8 weken na planten, op 23 augustus, werden opnieuw stalen genomen om de bijbemesting voor de prei te bepalen. De resultaten van deze staalname kan je raadplegen in de tabel hierboven.
Volgens het KNS-systeem bedraagt de streefwaarde in de laag 0-60cm 243 E N. In deze periode rekenen we nog 6 weken mineralisatie (tot begin oktober) en in dit geval ook nog 25 E N die vrij zal komen uit het gras en de toegepaste stalmest.
Op basis van deze kengetallen kunnen we concluderen dat in object 2 en 3 de bodemvoorraad voldoende hoog is en er geen bijbemesting vereist is. In object 1 is een bijbemesting wel vereist. We komen hier uit op een advies voor bijbemesting van 30 E N. We gebruiken hier voor kalkammonsalpeter (KAS).
Voor object 4, de praktijk van de teler, komen we uit op een advies van 50 E N. Ivan zelf is echter meer voorstander van kleinere giften en besloot ook een bijbemesting uit te voeren van 30 E N. Hij maakte gebruik van de meststof kalknitraat.
September-oktober: extra bijbemesting nodig?
We nemen vandaag een nieuw grondstaal. Aan de hand van dit staal beslissen we of er nog een bijbemesting moet uitgevoerd worden. Tevens kunnen we nagaan of we aan het begin van de sperperiode onder de grens blijven van het nitraatresidu. In de tabel hieronder kan je de resultaten zien.
In theorie is de bodemvoorraad (0-60cm) voldoende hoog voor de prei om de winter in te gaan. We beslissen daarom in eerste instantie om niet bij te bemesten.
Op 9 oktober vond het thematisch uitwisselingsmoment plaats. De voorlopige resultaten werden gedeeld en brachten een interessante discussie op gang. Zo kwamen we samen met de groep tot de conclusie dat een bijbemesting toch aangewezen is, en wel om volgende redenen.
- De verdeling van de stikstof in de bovenste lagen (0-60cm) is vrij gelijk. Ongeveer de helft zit in de onderste laag (30-60). Gezien het jaar en de omstandigheden van het groeiseizoen is de prei minder diep geworteld en zal de dieper gelegen stikstof dus moeilijker opneembaar zijn. Bovendien is deze moment van het jaar het risico op uitspoeling groter.
- De prei moet nog veel groeien, ze is aan de lichte kant. We verwachten dus nog een sterke opname, zeker gezien de groeizame omstandigheden die voorspeld worden voor de komende weken. De prei zal bijgevolg mogelijks stikstof te kort krijgen in de winterperiode, voornamelijk in december.
Ivan voorziet zelf nog een bijbemesting met 200 kg kalknitraat (30 E N). Omdat de voorraad theoretisch gezien hoog genoeg is, kiezen we in de andere objecten voor een traagwerkende meststof die de stikstof iets later levert. In object 2 gaat de keuze naar sulfammo, omwille van de zwavel in deze meststof. In object 3 kiezen we voor Ureum. In beide objecten wordt een gift van 30 E N gegeven. In object 1 gaat de keuze naar een bladvoeding, Powerleaf Stikstof Plus.
Powerleaf Stikstof Plus is een bladmeststof met o.a. zachte stikstofvormen, maar ook zwavel. De meststof kent een hoge opname en efficiëntie. Bovendien is 33% van de stikstof in slow-release vorm aanwezig. De formulering is 23-0-0 met 5% zwavel en 2,5% magnesium. De efficiëntie van de meststof maakt dat een bespuiting van 20 l/ha een bijdrage levert van 30 E N. Dit leidt tot een besparing van stikstof in het kunstmestregister ten opzichte van eenzelfde hoeveelheid kunstmest strooien.
Op 22 oktober werden de bijbemestingen uitgevoerd. We volgen de prei verder op, nemen nog een staal voor het einde van de nitraatresiducampagne en zullen de opbrengst bepalen tijdens de winter. Hieronder maken we nog een kort overzicht van de uiteindelijke bemesting in alle objecten.
Dit overtuigingsveld werd opgevolgd door de B3W-begeleiders bij Viaverda. Met vragen kan je dus terecht bij email hidden; JavaScript is required
Een blik op de praktijk
Met de praktijkvelden ondersteunt B3W landbouwers die een bepaalde goede praktijk willen toepassen op het eigen bedrijf. We volgen via een blog zoals deze, die regelmatig wordt aangevuld, de verschillende acties op die we nemen op het veld, de ervaringen van de landbouwer en de uiteindelijke resultaten. De voorbije jaren werden er nog heel wat praktijkvelden opgevolgd, bekijk zeker eens het overzicht!